Sportonderzoek

jul 6th, 2014 | By | Category: Column Paul Turken

Hoeveel van ons loopt daadwerkelijk met Zeeman ondergoed rond? Dat is best uit te zoeken. Het aantal Zeeman winkels is bekend, hun omzet kan worden ingeschat. Het deel van hun omzet dat in ondergoed zit is ook bekend. Kortom 1 op de 3 squashers heeft vandaag een Zeeman onderbroek aan. Wat gebeurt er als ik op het squashcentrum op de man/vrouw af de vraag zou stellen: heb je je onderbroek bij Zeeman gekocht? Ik weet dan 100% zeker dat je niet één keer een positief antwoord zou krijgen. Deelnemers aan onderzoek liegen eigenlijk altijd.

Liegen
Liegen komt voor in een hele hoop verschillende vormen. Ik noem er een aantal. We geven politiek correcte antwoorden. Immers, als je een keer iets durft te zeggen over een niet-Nederlands sprekende taxichauffeur kun je geen overheidsbaan meer krijgen, niet waar Guide van Woerkom? We geven ook wel gewenste antwoorden. Op de vraag “train je echt?” zegt het merendeel van de squashers dat ze echt hun slagen oefenen. In werkelijkheid wordt 99% van de tijd in een squashcentrum alleen maar potjes gespeeld. We zorgen er ook voor dat onze zwakten nooit bekend worden. Als je aan mannen vraagt of ze ooit aan betaalde liefde hebben gedaan, kun je in ons brave land geen enkele man vinden. Maar het aantal prostituees maal het aantal klanten maal de gemiddelde prijs is inmiddels zo’n groot bedrag dat het wordt meegeteld in ons Bruto Nationaal Product. Dat moet voor het eerst dit jaar van de Europese Commissie en dat verklaart meteen een substantiële economische groei in 2014. Overigens stelde ik ooit tijdens een congreslezing die vraag naar betaalde liefde, om zo de zwakte van onderzoek aan te tonen. Staat er een bloedeerlijke Rotterdammer op en zegt “ja, ik vorige week, waarom wil je dat weten”.  Ik had wel 100 tanden in mijn mond op dat moment en gebruik sindsdien alleen nog maar het Zeeman voorbeeld.

Hoe moet onderzoek?
Het klinkt wat ouderwets maar kijken helpt. Hoe druk is het nu echt op de tennisbanen op dit moment? Ik zal wat verklappen: niet zo druk ondanks alles wat de tennisbond uitkraamt. En jeugd zie je er, net als bij squash, mondjesmaat. Maar ga je op zaterdag naar een hockeyclub met een kunstgrasveld, dan zie je van de vroege ochtend tot de late namiddag het ene na het andere jeugdteam zonder enige onderbreking aan de gang. En niet alleen op zaterdag maar ook door de week. Het gaat niet om de meningen als je een beeld wilt krijgen van de sportparticipatie in Nederland, het gaat alleen om het gedrag. Iedereen kent de gewenste antwoorden. Sport is goed voor de gezondheid, sport werkt tegen overgewicht, sport is goed voor de mentale vorming, sport help bij het ontwikkelen van groepsgedrag, sport werkt voor integratie, sport kan helpen bij de emancipatie van achterstandsgroepen. De burger vindt het heerlijk om er over te lullen, maar doen liever niet. Overigens hebben we nu eindelijk een thema gevonden waar burger en politiek het eens zijn. Liever lullen dan doen!

Kijken is gericht kijken
Als je wilt zien of er iets gebeurt kun je dus ook niet naar squash als geheel  kijken. Als je goed kijkt is dat altijd specifiek. In het ene centrum is wel schooljeugd en in het andere niet. In het ene centrum is er een persoon die spelers helpt, begeleidt en informeert, zodat het spel steeds beter wordt. Daardoor blijven de spelers langer lid en klant (dat heet Life Time Customer Value). De hockeybond heeft niet alleen veel jeugdteams, maar ook heel veel veteranenteams. In het andere centrum is er geen entertrainer. In het ene centrum wordt de deelname aan de competitie georganiseerd en in het andere centrum heeft het zijn beloop. Er is dus geen squashparticipatie van 400.000 mensen die eens per twee weken spelen. Wat een nonsens. Meningen en gemiddelden zijn geavanceerde vormen van liegen. Squash is net de gewone wereld. Hier doen we het goed en elders is het  mooi klote.

Gast en Vriendschaps Industrie
Aansluitend aan de ALV organiseert de SBN een minicongres. Een van de sprekers is Luc van Bussel. Een man met heel veel marketingervaring in de Gast- en Vriendschaps Industrie. Dat nieuwe woord is mijn afgeleide van het Engelse Hospitality Industry en/of van het Duitse woord Gastfreundschaft. Want eigenlijk is dat de sector waar we in zitten. Squashcentra hebben gasten die ook sportvrienden zouden moeten zijn. Luc weet hoe je dat doet. Hij heeft al een paar keer laten zien hoe je met echt gastheerschap en vriendschap de concurrentiestrijd wint. Hij gaat uitleggen hoe je het verschil maakt. Hij kan laten zien wat je moet doen om beter en anders te zijn. Hij laat zien hoe we de bokken van de schapen gaan scheiden. Zoals ik al zij: gemiddelden en meningen zijn leugens. Het gaat om anders doen en de effecten daarvan. En als je het goed doet kun je die effecten zien met het blote oog: op de banen en in je Verlies- en Winstrekening. Dat helpt meer dan meningen en onderzoek daarnaar.

 

Paul@falkorvorden.com


Comments are closed.